Twintig kilometer

In tachtig dagen reisde ik als jongen
rond de wereld Met als gids Jules Verne
Vandaag een kwart ervan in kilometers
Niet op vleugels van de schrijversfantasie
Met de benenwagen de klok op droomtijd
Wandelen scherpt ogen oren en neus
De vertrouwde omgeving ontvouwt
zich als nieuw In de berm een voorjaarsgroet
in geel van de paardenbloem Een hamerende
specht bij de Venkoelen Takken van oude bomen
kreunen en kraken De geuren van bos en buurtschap
Koeien in de wei kont naar de wind
Flarden van gesprekken onderweg
Een wandeltocht wordt een ontdekkingstocht
Wie twintig kilometer loopt maakt een wereldreis