Vrijdag de dertiende

De hel viel door de
gesluierde herfsthemel
boven een argeloze stad
duurde nog geen
minuut

Zoevende bommen

Venlo
dreunde
brandde
rookte

Huilde
schreeuwde
van pijn en
ontzetting

De grauwe nevel
trok na uren op
de geur van dood
van vermorzelde huizen
bleef hangen

Hugo de Vries
zeventien jaar
stond bij het zolderraam
keek naar boven
zag de luiken
van bommenwerpers
opengaan

Zag de hel die door
de gesluierde
herfsthemel viel

Unne Venlose knöl
verkenner
verleef meschiens

Hugo is nooit
geborgen in een tel
voor eeuwig
uitgewist

De herinnering aan hem
aan vrijdag de dertiende
oktober 1944
volhardt

Volhardt
tussen rozen
op vier mei